NU IN ATELIER HART NIBBRIG

De Hart Nibbrig Atelierprijs is een nieuwe in 2016 ingestelde kunstprijs. De Dooyewaard Stichting heeft een deskundige commissie aangesteld voor de selectie, in samenwerking met meerdere stichtingen uit de kunsten-sector. Het Gaat om een tijdelijke woon-werk periode in het zojuist gerestaureerde atelier Hart Nibbrig aan de Schapendrift 73 in Blaricum. lees meer…….

 

HISTORIE VAN HET HART NIBBRIG ATELIER

In het Streek archief staat dit gebouw te boek als het atelier van de Larense schilder Ferdinand Hart Nibbrig (1866-1915). Het is onduidelijk wanneer het precies gebouwd is maar het is een, nu zeldzaam, voorbeeld van een los atelier, met hoog raam op het noorden,  dat door lokale timmermannen voor kunstenaars hier in onze regio werd gebouwd aan het eind van de 19de eeuw. Hart Nibbrig had het waarschijnlijk staan naast zijn woonhuis aan de Naarderstraat (nu 63) in Laren. Op enig moment in 1916/17 is het opgetild, op rollers gezet en verplaatst naar wat nu de St.Janstraat heet maar toen slechts met een nummer werd aangeduid: “297”. Bij deze verplaatsing liep de Gooische Tram uren vertraging op omdat het atelier kwam klem te zitten op de Naarderstraat. Eenmaal op plek 297 werd het atelier van 1917-22 bewoond door kunstenaar Anna Sluijters en haar zoon Albert, later een bekend violist en clavecimbelbouwer. Rond 297 stonden meerdere houten ateliers op het terrein van houthandelaren van Dijk . Een kunstzinnig stukje Laren waar veel kunstenaars in het lokale pension en hotel logeerden en waar ook een bloeiende kunsthandel was. Na 1922 staat als bewoner Jurriaan van der Vliet geregistreerd, de stadstelefonist van Laren.                                                              

J. van der Vliet verkoopt aan Th.N.E. Lohmann voor de somma van 250 gulden “een schildersatelier voor amotie thans staande Molenweg 297 “ , getekend op 6 juni 1924. Vera Lohmann, toen een jaar of 7, herinnerde zich op hoge leeftijd nog hoe het atelier arriveerde op een boerenkar vanuit Laren “van ergens achter de molen” en dat haar vader bezorgd was dat er geen bomen beschadigd mochten worden bij de plaatsing op hun terrein. Op 24 mei 1924 vraagt Theo Lohmann al vergunning aan voor “een atelier als werkplaats” met daarbij een tekening van dit atelier. In 1931 komt er vergunning voor een bij te plaatsen serre. Volgens familie overlevering van een af te breken villa in Baarn. Dit is lang het atelier van Theo Lohmann geweest. Het atelier heeft ook een verleden als gebouw waar velen ondergedoken hebben gezeten in de Tweede Wereldoorlog. De bovenste rij ramen waren toen dichtgemaakt voor extra ruimte. Na het overlijden van Theo Lohmann in 1963 heeft dochter Vera het tot op zeer hoge leeftijd gebruikt als domicile als zij vanuit Frankrijk in Nederland was.

De Dooyewaard Stichting heeft dit atelier voor de derde keer opgetild en verplaatst. Nu met de modernste technieken en slechts een meter of 10 op het terrein zelf. Eén van de huidige, tijdelijke kunstenaars noemde dit zelfs het mooiste atelier van Nederland…

HART NIBBRIG EN ANNA SLUIJTER 
Hart Nibbrig heeft van 1894 tot zijn overlijden in 1915 grotendeels in Laren gewoond. Hij brak met de schildertraditie van Mauve – geen destijds zeer populaire schapen op de hei of boerinnen met kind. Hij heeft bewust geprobeerd het licht te vangen en schilderde in frisse, helle kleuren zon overgoten taferelen, vaak in een pointillistische stijl. Zijn portretten tonen doorgroefde koppen van Larense boeren en zijn grote werk De Erfgooiers vol met opstandige boeren gaf een veel realistischer beeld van de lokale harde werkelijkheid dan de liefelijke boeren interieurtjes.

Na Hart Nibbrig is het atelier van 1917-1922 gebruikt door J.J.H. ‘Anna’ Sluijter – één van de eerste vrouwelijke kunstenaars die tot de Luministen gerekend kan worden. Sluijter woonde in het atelier met haar zoon Albert, destijds nog student, maar bij zijn overlijden geroemd als violist en klavecimbelbouwer. Het lijkt waarschijnlijk dat het atelier eerst gestaan heeft in de tuin naast het woonhuis van Hart Nibbrig aan de Naarderstraat in Laren en ook door ‘amotie’ verplaatst is naar wat destijds slechts aangeduid werd als ‘297’ (het 297e pand in Laren).

Onderzoek heeft uitgewezen dat ‘297’ lag aan de huidige St. Jansstraat 34B in Laren. Dit was destijds een creatief buurtje. Het atelier stond er naast meerdere ateliers en vlak bij de succesvolle galerie, de ‘Larensche Kunsthandel’, van Nico van Harpen. Het pension van de weduwe Kam, het ‘Boarding House’, was dé plek waar buitenlandse kunstenaars hun intrek namen en ook dat lag naast het atelier.

P.H. van Moerkerken geeft in zijn sleutelroman “de Ondergang van het Dorp” een fraaie beschrijving van de ateliers die in de periode rond 1880 door de lokale timmerman voor de kunstenaars gebouwd werden. De beschrijving die van Moerkerken geeft lijkt rechtstreeks van toepassing op het atelier Lohmann. Dat zou daarmee het enig bewaard gebleven losse Larense atelier zijn uit de tijd van Mauve.